Woord met I
Algemeen voorwerp of zaak, heel basiswoord.
Verwijst naar een persoon, heel gebruikelijk.
Vloeistof om mee te schrijven of drukken.
Betekent alle mensen samen, vaak gebruikt.
Bijvoeglijk naamwoord voor iets vervelends.
Bevroren zoetigheid of bevroren water.
Wereldwijd netwerk van computers en info.
Huis van sneeuw en ijs van Inuitvolken.
Iemand die bijen houdt voor honing.
Zeeweekdier met tentakels, ook als eten.
Vrouwelijke naam én een bloemsoort.
Blauw‑paarse kleur, ook kleurstof.
Bevestigend woord, soort van “zeker weten”.
Metaal, hard en magnetisch, symbool Fe.
Land in Europa, hoofdstad is Dublin.
Inwoner van Ierland, ook als bijvoeglijk.
Les mots dans la liste Woord met I proviennent des joueurs du jeu de mots Le Petit Bac.